Maak van je vraag geen multiple-choice-doolhof.

Ik ben verslingerd aan poscasts.
Interviews liefst, met mooie, inspirerende mensen. Heerlijk om in de auto te luisteren en ergens wijzer, rijker aan te komen dan je was toen je vertrok.
En natuurlijk luister ik ook naar de kwaliteit van de vragen.
Daarin viel me afgelopen week weer op hoe ontzettend graag we controle willen houden over de vraag, ook nadat-ie eigenlijk al gesteld is.

Alsof we niet op onze enkele, eenvoudige vraag durven vertrouwen. We willen soms toch nog een beetje sturen in het antwoord. We gooien er wat  halve suggesties achteraan, waar de ander dan maar uit moet kiezen.
We bouwen een multiple-choice-doolhof waar de ander eerder in verdwaalt dan dat-ie de weg weet.

 

Bijvoorbeeld:

“Waarom ben jij vrouwen gaan coachen? Is dat omdat je zelf een vrouw bent? Of omdat je je in hun thema’s herkent, of dat je ze goed kan helpen of…?”

“Wat is een vastzittende spier eigenlijk? Is dat dan een spier die verkrampt zeg maar, of dat je te lang vasthoudt, of…?”

“Hoe ga jij om met kritiek? Bereid je je daarop voor, hoe je zal reageren als iemand dit of dat zegt, of komt het spontaan in je op, of…?”

 

Waarom is dat een probleem? 
Er zijn een paar redenen te noemen waarom een paar suggesties achter je vraag aan sturen, niet handig is om te doen:

1. Het is onduidelijk.
In communicatie wil je OF zenden OF ontvangen. Niet allebei tegelijk. Wanneer je zo’n vraag stelt en er wat suggesties bij doet, is het onduidelijk of je nu aan het ontvangen bent of stiekem toch wilt zenden. Je gesprekspartner raakt ervan in de war en jullie communicatie wordt onduidelijk. Er komt wat ruis op de lijn en dat is zonde.

 

2. Je suggereert dat er maar X opties zijn. En dat is nog maar de vraag. 
Wanneer je een multiplechoice vraag stelt, presenteer je een situatie met een aantal opties.‘Waarom heb jij moeite met online marketing? Is dat omdat je onzeker bent of omdat je de techniek niet goed snapt?’

Je suggereert daarmee dat er maar 2 opties zijn: ik ben onzeker, óf ik snap de techniek niet. Het is maar de vraag of dat daadwerkelijk de enige twee opties zijn. Even doordenkend kun je er zo nog een paar verzinnen:
Iemand vindt online marketing misschien niet leuk, iemand heeft er geen tijd voor, iemand gelooft niet in online marketing.
Het kost je gesprekspartner moeite om door jouw opties heen te kijken en zijn eigen antwoord te vinden. Veel meer moeite dan wanneer je zou stoppen met praten na het stellen van de vraag ‘waarom heb jij moeite met online marketing?’

 

3. Het verraadt met welke aandacht jij luistert.
Wanneer je je eigen suggesties achter je vraag plakt, zegt dat iets over hoe je luistert. Je luistert niet met de intentie het antwoord van de ander te ontvangen. Onbewust luister je met de intentie zelf te zenden.Ik onderscheid altijd 2 manieren van luisteren: de 1e is ‘wat-vind-ik-ervan-luisteren’, waarbij je bezig bent met jezelf. Je eigen agenda, jouw mening over het verhaal van de ander, jouw oordelen en aannames.
Bij de 2e manier, ‘wat-bedoel-je-precies-luisteren’, ben je bezig met het verhaal van de ander. Je wilt weten wat hij precies bedoelt, bent nieuwsgierig naar zijn verhaal, mening of ervaring, zónder er zelf wat van te vinden.
Zo’n multiplechoicevraag verraadt dat je luistert op de 1e manier, en meer met je eigen gedachten bezig bent dan met het verhaal van de ander.

 

Je neiging is misschien de ander te helpen, mee te denken. Dat hoeft niet. Het is misschien ook wat neerbuigend.
Waarom zou de ander niet prima in staat zijn antwoord te geven op jouw vragen, zónder jouw suggesties?

Hoe dan wel?

Als het goed is, ben je vooral benieuwd naar het antwoord op je vraag. Je bent nieuwsgierig naar de ervaring, gedachten van de ander. Alvast van alles zelf gaan lopen invullen werkt eerder averechts.

Dus:

Stel 1 vraag. Laat ‘m los.
Vertrouw op je vraag, en het antwoord van de ander.
Stop met spreken nadat je 1 enkele vraag hebt gesteld.

“Waarom ben jij vrouwen gaan coachen?”
“Wat is een vastzittende spier?”
“Hoe ga jij om met kritiek?”

Stuk voor stuk prachtige vragen, die het waard zijn om aan de ander te geven.
Zodat hij of zij er iets moois van kan maken met een puur, goed doordacht antwoord.

De mooiste vragen zijn helder, simpel, niet troebel. Ze gaan niet over jou. Ze  blijven dichtbij de ander.

Als je werkelijk de kleur van de ander wilt leren kennen, moet je ‘m vooral geen kleurplaat geven en dan zelf de boel alvast in de grondverf zetten.

 

 

Veel vraagplezier!